Goede data en informatie is een randvoorwaarde voor de inrichting van de informatievoorziening waarmee je hinder kunt volgen, duiden en verantwoorden. Het gaat om duidelijke definities, betrouwbare databronnen en een consistente manier van registreren, zodat besluiten over bijsturen en evalueren gebaseerd zijn op dezelfde feiten.
Zonder goede data en informatie ontstaat ruis: verschillende cijfers naast elkaar, discussies over definities en onvoldoende herleidbaarheid. Daarom leg je vast welke bronnen leidend zijn, hoe je gegevens vastlegt en wie verantwoordelijk is voor kwaliteit en beheer. Wie in welke fase welke bijdrage levert, is uitgewerkt op de pagina Rollen bij verkeershinder.
Aanpak per type hinder
Grote hinder
Bij grote hinder ontwerp je de dataketen bewust: welke indicatoren zijn leidend, welke meetpunten horen daarbij, hoe combineer je verkeersdata met signalen uit de omgeving en hoe organiseer je datadeling met partners. Je zorgt voor dashboards en rapportages die herleidbaar zijn en die aansluiten op het besluitpad: welke informatie heeft wie wanneer nodig om te kunnen bijsturen en verantwoorden.
Verder lezen:
Klik hier voor een overzicht van alle publicaties relevant bij grote hinder
Reguliere/matige hinder
Bij reguliere hinder werk je met een compacte, herhaalbare dataset. Je gebruikt vaste definities en standaardregistratie, zodat je werkzaamheden onderling kunt vergelijken. Door consistent te loggen (werk, maatregel, tijd, locatie, effect) bouw je snel inzicht op in wat werkt en waar knelpunten structureel terugkomen.
Verder lezen:
Klik hier voor een overzicht van alle publicaties relevant bij reguliere/matige hinder
Kleine hinder
Bij kleine hinder houd je data praktisch: een korte registratie van wat is gedaan en wat het effect was, zodat je standaardwerkwijzen kunt verbeteren. Het doel is niet “veel meten”, maar wel consequent dezelfde minimale gegevens vastleggen.
Verder lezen:
Klik hier voor een overzicht van alle publicaties relevant bij kleine hinder
Minimaal op orde in Data en informatie
In deze fase is minimaal geregeld:
- een vaste set definities (indicatoren, drempels, begrippen) zodat iedereen hetzelfde bedoelt
- een overzicht van databronnen en meetpunten, inclusief eigenaar en kwaliteit (betrouwbaarheid, actualiteit)
- een standaard manier van registreren: wat leg je vast bij een ingreep (locatie, tijd, maatregel, bijzonderheden, effect)
- herleidbaarheid: je kunt terugvinden welke bron en versie is gebruikt en hoe cijfers tot stand komen
- afspraken over datadeling en toegang: wie mag wat zien en gebruiken (intern en met partners)
- beheer en kwaliteitsborging: wie beheert definities, dashboards en formats en hoe worden wijzigingen doorgevoerd.
Als deze basis ontbreekt, ontstaat discussie over cijfers en definities en ontbreekt herleidbaarheid voor sturing en verantwoording.
Plaats in het proces
Data en informatie ondersteunt de hele keten. In Plannen en voorbereiden leg je vast wat je wilt volgen en hoe je dat gaat doen. In Bouwen en onderhouden ontstaat de basisregistratie. In Monitoren en analyseren combineer je bronnen en duid je patronen. In Evalueren en bijsturen gebruik je dezelfde gegevens om conclusies te trekken en verbeteringen te borgen in beleid, programmering en werkwijzen.
Hulpmiddelen en inspiratie
Voorbeelden/formats/inspiratie:
- Leidraad hindercommunicatie wegen
- Leidraad Monitoring en Evaluatie Hinderaanpak
- Handboek Verkeersmanagement
- Leidraad reizigers- en omgevingsanalyse
Rollen en verantwoordelijkheden
- SRTI – Safety Related Traffic Information
- Handboek Verkeersmanagement
- Werkwijze Hinderaanpak
- WIU 2020 – Beleid en proces
- Leidraad Monitoring en Evaluatie Hinderaanpak
Klik hier om de kenniscatalogus te openen voor alle documenten relevant in deze fase